Welkom
bij Wonderlaars
Over Rachel
en haar wonderlaarzen
De wondere wereld
van het laarzenmaken
De nieuwste wonderlaars
uitgelicht
Rachel's CV
de wandeling
Rachel's Laarzen
bekijken
Een wonderlaars-wens?
Trek de stoute laarzen aan!
Contact met Rachel
+ links...

DE WONDERE WERELD VAN HET LAARZEN MAKEN
Wat is ambachtelijk schoenmaken?

De industriële revolutie leverde machines op die het arbeidsintensieve maakproces van de schoen vergemakkelijkten. De ambachtelijk schoenmaker van vandaag maakt ‘handgemaakteÂ’ schoenen, met behulp van machines. Het pure handwerk is verdwenen, al betreft het maatwerk nog steeds veel handwerk. De machines zijn daarbij fijne hulpmiddelen. Per schoenmakerij verschilt de mate waarin handenarbeid plaats heeft gemaakt voor machines. Maar vrijwel geen schoenmaker werkt nog zonder machines. Hoe wordt een wonderlaars met de hand gemaakt?

De leest
Via een serie meetgegevens wordt een mal van de voet gemaakt; de leest. Deze leesten komen meestal van de leestenfabrikant; het vervaardigen van leesten is een vak apart. De leest is een houten of kunststof kopie van de voet, die kan worden aangepast. Heeft iemand bijvoorbeeld een hoge wreef, dan kan de leest worden opgehoogd. Daarnaast kan een leest worden aangepast naar iemands wensen op modieus gebied. Daarvoor wordt materiaal van de leest geschuurd of wordt er materiaal toegevoegd, waardoor de leest een andere vorm krijgt.

Ontwerptekening en patronen
Daarna wordt de leest teruggebracht tot een tweedimensionale kopie, die nodig is voor de werktekening. Deze tekening bestaat uit vele lijnen en wiskundige berekeningen en komt volgens vaste meetgegevens tot stand. Voor een laars zijn er wat meer meetgegevens nodig dan voor een lage schoen. Immers, een laars omsluit het been en ook het been heeft zijn eigen maten. Enkelomvang, kuitomvang, kniehoogte en bovenbeenomvang behoren tot de meetgegevens bij het maken van een laars. Ieder type laars vraagt om een andere patroontekening. Zo zijn er bijvoorbeeld rijglaarzen, ritslaarzen of instaplaarzen, die van elkaar verschillen in de manier waarop ze in elkaar worden gezet. Uiteindelijk worden er patronen uit de tekening gehaald om op het leer te leggen.

Schacht
Nadat de rekrichting van het leer bepaald is, wordt het leer uitgesneden. Het leer moet tegengesteld rekken aan de voetbeweging, anders zou de schoen gaan lubberen. De vellen leer komen uit de looierij; de plek waar de ruwe huiden worden behandeld tot bruikbare vellen, inclusief het verven in een bepaalde kleur. De uitgesneden leerpatronen worden nu voorbewerkt; zoals in kleding zomen worden gelegd, wordt leer omgeboekt (omgeslagen randen), rondgeboord (sierranden) of bv gekarteld.

Het leer wordt ook nog geschalmd; dit is het dunner maken van het leer op bepaalde plaatsen en is nodig om verdikkingen te voorkomen, daar waar het leer op elkaar komt. Vervolgens worden de diverse delen op elkaar gestikt. Een schacht bestaat uit voeringleer en uit overleer. Deze twee worden apart van elkaar gestikt, daarna wordt de voeringschacht in de overleerschacht gestikt en daarmee is de schacht verkregen.

Onderwerk
Nu wordt de schacht over de leest gehaald en daarmee begint het zogeheten  onderwerkmaken. Dat gebeurt met behulp van spijkers, houten pennen, nietjes en diverse soorten lijm. Eerst komt er een binnenzool tegen de leest. De schacht wordt daarna strak over de leest (en de binnenzool) getrokken (oppennen van de schacht met de zwik- en rektang) en onderop weggeplooid. Bij de neus en de hiel worden extra verstevigingen aangebracht (van kunststof of van leer). Het geleng (middelste gebied van de voet) wordt eveneens verstevigd, met een stalen veer (cambreur) en een verstevigend dekje. Tussendoor wordt met de schoenmakershamer op het leer geklopt en geaaid; leer is levend materiaal en kan in model worden geklopt. Ook wordt gevijld en geschuurd om alle oneffenheden glad te krijgen.

Afwerking
Naar keuze krijgt de laars een tussenzool en wordt bijvoorbeeld doorgenaaid of afgelapt. Dit zijn enkele mogelijkheden van de afwerking van het onderwerk. Verhogingen, zoals plateauÂ’s, worden opgebouwd van bijvoorbeeld kurk of porro. De loopzolen kunnen een profiel hebben, van leer, kunststof, hout of kurk zijn en ook wat de hakken betreft zijn er vele mogelijkheden. Essentieel is dat de hak draagt; de hak staat waterpas op de grond in verhouding tot de voorvoet. Uiteindelijk worden de laarzen uitgeleest, gepoetst en krijgen ze een inlegzooltje. Het resultaat; een wonderlaars!


Materialen, gereedschap en machines

Materialen
Materialen die meestal in een laars zitten zijn diverse soorten leer, kurk, ijzer en thermoplastisch materiaal. Verder wordt wel gebruik gemaakt van koolstof, vilt, hout en rubber en allerlei ongebruikelijke materialen, naar gelang een laars daarom vraagt. Voor diverse werkzaamheden zijn er tufta, strijklinnen, gips, lijmoplosser,  talkpoeder, verf, was en pek. Een heel scala aan lijmen wordt gebruikt, waaronder synthetische lijm, rubberlijm, beenderlijm, zwarte lijm en atoomlijm.

Gereedschap
Een schoenmaker zonder mes is als een smid zonder vuur. Met het speciaal geslepen schoenmakersmes worden talrijke handelingen verricht. Het mes wordt steeds goed scherp gehouden. Een bot mes vliegt sneller uit de bocht en is dus gevaarlijk. Een stuk glas, om mee te raspen, behoort ook tot de uitrusting. Verder zijn veel voorkomende gereedschappen de schoenmakershamer met bolle kop, de rek- en de zwiktang, de kromme schaar, de els en de brosheft, de rasp, de nijptang, de ruwmaker, het likhout, de tackswipper en de holpijpjes. Daarnaast zijn er nog tal van gereedschappen die van pas kunnen komen.

Machines
De machines die het vervaardigen van handgemaakte schoenen ondersteunen zijn onder meer de schuurmachine, waarop grove en fijne banden zitten, diverse schrooimessen, de bims en poetsborstels. Verder zijn er de hogedrukpers, diverse nietpistolen, ovens, de zuilstikker, platstikker en de reparatiemachine, de doornaaier, aflapper en de stansmachine.






Work in progress...